Exact om 8u30 gaat de deur open en komen ze in groep de trainingsruimte binnen. Met z’n twaalven zijn ze, perfect zoals het op mijn lijstje stond. Toch even schrikken, want ik ben nog volop aan het vechten om mijn laptop met de projector te laten communiceren.“Welkom iedereen”, stamel ik wat verrast, “Euh, neem alvast plaats, ik heb nog vijf minuutjes werk.” Nog nooit had ik zo’n punctuele groep, want normaal beginnen de deelnemers op dat uur hooguit langzaam binnen te sijpelen. Mijn vraag om plaats te nemen wordt als een legerbevel opgevolgd en nog geen halve minuut later zit iedereen op z’n stoel achter de tafels die ik voor mijn training ‘Creatieve Basisvaardigheden en Brainstormen’ in een U-vorm heb laten opstellen. 

 

grumpy-man.jpg

De body language van de deelnemers spreekt boekdelen. De meesten zitten met de armen gekruist en zowat iedereen zit nors voor zich uit te staren. Vijf minuten ijzige stilte… ik voel me er niet zo lekker bij. “OK, klaar”, zeg ik vastberaden.“Hebben jullie er zin in vanmorgen?”. Die vraag – waarmee ik quasi elke training begin – wordt normaal op enthousiast ja-geknik onthaald. Deze keer niet. Deze keer enkel wat nasaal gemompel, hier en daar een zucht en vooral bijzonder veel ontwijkende blikken. Wat is hier aan de hand? Ik tracht voorzichtig even te polsen en vraag wat ze verwachten van deze training. Geen reactie. “Niemand? Wat zou je willen meenemen vandaag? Wat verwachten jullie van mij? Waarom zitten jullie hier?" Bingo, die laatste vraag was de juiste, want ik hoor her en der wat gebrom opwellen. “We moesten deze training volgen van de baas”, zegt een wat oudere man. Hij is gekleed in een wit hemd en op zijn das prijkt repetitief het logo van het automerk dat mijn factuur zal betalen. Een andere man kijkt verveeld op zijn uurwerk en nog een andere deelnemer – ook een man, het valt me nu op dat er geen vrouwelijke deelnemers zijn – friemelt wat in zijn boekentas die netjes naast zijn stoel staat. Waarschijnlijk met de bedoeling hém alvast niet te confronteren met nog zo’n lastige vraag.

Deze heren hebben er duidelijk geen zin in. Een hele uitdaging, denk ik bij mezelf, en ik ga van start met een energizer waarbij de deelnemers aan de hand van een balspelletje moeten associëren op elkaars woorden. Kwestie van wat in de stemming te komen en uit die lakse comfortzone te treden. Een ramp. Dan maar terug gaan zitten, jongens. En ik start de training een beetje in mineur, met de moed in de schoenen…

Deze anekdote brengt me naadloos tot het onderwerp van dit artikel: creatief zelfvertrouwen. Wat je moet weten is dat de betreffende deelnemersgroep bestond uit stuk voor stuk erg competente technische professionals en ingenieurs uit de automobielindustrie. Kenniswerkers met hoge diploma’s, die teren op jaren ervaring, know-how en ‘gezond verstand’. Deze mensen in een creativiteitstraining gooien is even confronterend als Bach op Tomorrowland droppen. Maar het moest van de baas.

Deze mensen in een creativiteitstraining gooien is even confronterend als Bach op Tomorrowland droppen. Maar het moest van de baas.

“Ik ben niet creatief, wat moet ik hier in godsnaam?”. Dat was de enge gedachte die door de hoofden van al deze mannen dwaalde. En meteen ook de gedachte dat daar niets aan te doen is. Je bent creatief of je bent het niet, punt. Die norsheid en apathie van de deelnemers hierboven is dan ook niet meer dan een vertaling van hun angst en onzekerheid. De vastgeroeste gedachte dat ze zich enkel belachelijk zouden maken in deze training. Het resultaat van een totaal gebrek aan creatief zelfvertrouwen.

De zoektocht naar wat we verloren zijn

Elke mens wordt geboren met creativiteit. Waarschijnlijk is het bezit en gebruik van creativiteit zelfs onze grootste differentiator met de rest van de fauna die zich op deze planeet beweegt. Als kinderen kunnen we ons urenlang verliezen in verbeelde scenario’s, tekenen we kopvoeters en noemen ze mama en papa, zijn we superman die de wereld redt of bouwen we diezelfde wereld na met gekleurde blokjes en plasticine. Alles kan, alles mag. Maar gaandeweg wordt het leven serieuzer en neemt ratio het over van verbeelding. Creativiteit is voor dagdromers of kan je hooguit nog als hobby beoefenen. Op school worden we beloond wanneer we klakkeloos kunnen repeteren wat ons werd voorgekauwd, om later in de ‘echte’ wereld bol te staan van kennis over feiten die op dat moment nog nauwelijks relevant zijn. Jazeker, we mogen nog denken, maar dan liefst wel rationeel, analytisch en vooral binnen de lijntjes.

Op school worden we beloond wanneer we klakkeloos kunnen repeteren wat ons werd voorgekauwd, om later in de ‘echte’ wereld bol te staan van kennis over feiten die op dat moment nog nauwelijks relevant zijn.

Het lijkt wel alsof onze wereld is opgedeeld in twee soorten mensen: zij die creatief zijn en zij die dit niet zijn. Helaas rekent de overgrote meerderheid zich – bewust of onbewust – tot deze laatste categorie. En toch weten we dat creativiteit broodnodig is in elke organisatie, in elke sector en op elk niveau. Verschillende studies en enquêtes tonen ook aan dat het belang van creativiteit jaar na jaar nog toeneemt. Maar met creativiteit is het een beetje zoals met tienerseks: iedereen praat erover, iedereen denkt dat de andere er volop mee bezig is, maar niemand weet in feite hoe eraan te beginnen. “Dan maar meteen een creativiteitstraining”, moet de baas van deze bange groep techneuten hebben gedacht.

De vonk die een vuurwerk werd

En gelijk had hij, die baas. Want beetje bij beetje kwam de groep los. Gaandeweg zag ik het enthousiasme stijgen en met elke oefening die ik gaf begon de sfeer gezelliger te worden. De norse blikken maakten plaats voor gezichten vol kinderlijke nieuwsgierigheid. Er was iets vreemds gebeurd, een ware metamorfose. Hoezeer de deelnemers aan de workshop ook startten met afgrijzen en verborgen angst, des te meer waren ze op het eind van de dag van één ding overtuigd: het terugvinden van hun eigen creativiteit had hen een onwaarschijnlijke boost gegeven. Als een turbo op hun zware en logge motor van kennis en ervaring.

De norse blikken maakten plaats voor gezichten vol kinderlijke nieuwsgierigheid. Er was iets vreemds gebeurd, een ware metamorfose.

Drie weken na de training krijgen we een telefoontje van de man met het witte hemd. Of we eens een uurtje of twee hebben om naar zijn concept te komen luisteren en ons advies te geven. De brainstormoefening die ik tijdens de training gaf, was gebaseerd op een reële case uit hun professionele leefwereld. Iets met afvalverwerking in de fabriek. Samen met een viertal andere deelnemers had de goede man het gebrainstormde idee uit de training helemaal uitgewerkt in een kant-en-klaar concept dat hij aan de directie wilde voorstellen. De PowerPoint die ik te zien kreeg was inhoudelijk erg goed onderbouwd, maar op communicatief vlak een draak van jewelste. Dus lastten we nog een dagje storytelling in om er een goed verhaal van te maken. De baas was onder de indruk en het concept werd meteen geïmplementeerd.

Om een lang verhaal kort te maken: het was de start van een nieuwe wind die op korte tijd door heel de fabriek waaide. Er werd een heuse brainstormruimte ingericht waar creatieve pop-up teams allerlei ideeën gingen bedenken voor zowel dagdagelijkse kwesties als strategische lange-termijn uitdagingen. Een proces dat de innovatiedrang van de onderneming op een quasi onomkeerbare manier in gang had gezet.

Stap voor stap is de boodschap

Bovenstaand verhaal illustreert duidelijk hoe een verloren creatief zelfvertrouwen niet alleen snel terug kan worden opgebouwd, maar tevens ook de vonk kan zijn van een totaal nieuwe dynamiek binnen een organisatie. De heren in kwestie werden door de training kordaat aangespoord om hun creativiteit aan te spreken, ook al hadden ze er totaal geen zin in. Het feit dat het om een groep zeer rationele en plichtbewuste mensen ging, maakte dat ze geen keuze hadden: ze moesten in het koude water springen. Maar met de juiste sturing werd er al snel een eerste klein succesje geboekt. Voldoende om een volgende kleine stap te zetten. En nog eentje. En nog eentje…

David Kelley – de oprichter van IDEO, het designbureau van o.a. Apple en de grondlegger van design thinking – vergelijkt die eerste stappen met het aanpakken van een fobie voor slangen. Hij verwijst hierbij naar de wereldvermaarde psycholoog Albert Bandura, die zijn patiënten stap voor stap korter bij ‘het grote gevaar’ brengt door hen rustig aan te moedigen en nooit echt onder druk te zetten. Elke kleine stap is een overwinning voor de patiënt, omdat hij die stap zelf heeft durven zetten. Van het met afgrijzen bekijken achter een raam tot het durven aanraken van de slang met blote handen. Een wonderlijk proces dat de psycholoog ‘gestuurd meesterschap’ noemt. En wat bijzonder is: de patiënten die door dit proces gingen hadden niet alleen hun fobie voor slangen overwonnen. Ze hadden ook minder angst en meer succes bij andere uitdagingen, zoals bijvoorbeeld paardrijden of praten voor een grote groep. Ze hadden geleerd dat je enkel door volharding de doelen kan bereiken die je jezelf hebt gesteld. Stap voor stap weliswaar.

Diezelfde methodologie passen we toe op de angst die creativiteit in de weg staat. We splitsen uitdagingen op in kleine stapjes en bij het voltooien van elke stap krijgt de deelnemer het gevoel dat hij een overwinning op zichzelf heeft geboekt. En ook al voelt het proces wat onwennig en geforceerd aan in het begin, toch is het de meest efficiënte methode om het creatief zelfvertrouwen terug te winnen én voorgoed te behouden.

We splitsen uitdagingen op in kleine stapjes en bij het voltooien van elke stap krijgt de deelnemer het gevoel dat hij een overwinning op zichzelf heeft geboekt.

Doen is het nieuwe denken

Het mag duidelijk zijn dat spontane uitingen van creativiteit na onze kindertijd al snel beginnen af te nemen. Als tiener gaan we ons vooral bekommeren over hoe anderen over ons denken. De angst om beoordeeld te worden en er niet bij te horen. De angst om als ‘raar’ te worden bestempeld weerhoudt de meesten tieners ervan hun creativiteit ten volle te uiten. Die angst dragen we ook later nog mee in ons professionele leven. We censureren onszelf voortdurend en komen daardoor zelden aan creativiteit toe.

Om die vicieuze cirkel te doorbreken gooien we aan het begin van een creatieve sessie graag wat speelgoed op tafel. Liefst een ruim en gevarieerd assortiment: blokjes, auto’s poppetjes, dieren, voorwerpen, plasticine,… Speelgoed is vooral erg efficiënt bij het ontwerpen van nieuwe (werk)processen, organisatievormen of businessmodellen. Maar ook voor het bedenken van nieuwe producten of diensten kan het succesvol worden ingezet. Het is vooral belangrijk dat de deelnemers samen met het speelgoed aan de slag gaan, zonder voorbereiding, zonder scenario of basisplan. Gewoon beginnen spelen, zoals kinderen dat ook doen. Want uit het spel groeien de ideeën. En met elk nieuw idee groeit ook het creatief zelfvertrouwen.

Uit het spel groeien de ideeën. En met elk nieuw idee groeit ook het creatief zelfvertrouwen.

Bij onze klanten pleiten we volop om vaak wat minder te ‘denken’ en wat meer te ‘doen’. Zeker wanneer de organisatie nieuwe wegen wil verkennen. Stop met plannen en ga gewoon aan de slag. De speelgoed-aanpak hierboven is een goed voorbeeld – zeker in de ideecreatiefase - maar je kan ook de uitdaging waar je (organisatie) voorstaat opdelen in kleinere uitdagingen, zodat je al snel een eerste succes boekt. Die eerste stap zal heel wat minder groot zijn en het succes zal je aansporen ook makkelijker de tweede, de derde, de vierde stap te nemen. Tot je uiteindelijk je doel hebt bereikt. Net zoals in het voorbeeld van de slangenfobie.

Blijf nieuwsgierig

Ik refereer hier graag naar het artikel ‘Innoveren? Vergroot je Curiosity Quotient!’van collega Sara Coene, waar zij de voordelen van nieuwsgierigheid belicht in het teken van creativiteit en innovatie. Nieuwsgierigheid ligt ook aan de basis van creatief zelfvertrouwen. Het gaat voornamelijk om het verbreden van je perspectieven. Dat doe je niet door een ganse dag achter je bureau te blijven zitten. Verlaat die knusse comfortzone en trek de wijde wereld in. Je zal er moeten afrekenen met onverwachte ontdekkingen, met onzekerheid en met onvoorspelbare mensen die misschien dingen zeggen die je liever niet wil horen. Maar net daar vind je de inzichten en inspiratie die je creativiteit voeden. Ga er zelf achteraan en wacht niet tot je baas, je collega of je klant met ideeën komen aandraven. Of je concurrent, want dan heb je helemaal de boot gemist.

Als leidinggevende kan je nieuwsgierigheid bij je mensen opwekken door zelf het goede voorbeeld te geven: stel veel vragen, ook al lijken de antwoorden soms evident en geef je medewerkers tijd en ruimte om hun eigen nieuwsgierigheid te voeden. Spoor ze ook aan in het hoofd van de klant te kruipen en laat ze hun zintuigen open houden voor wat er ook in andere industrieën leeft. Cross-industry innovatie kan vaak een doorbraak betekenen voor problemen die al een hele tijd op tafel liggen en niet opgelost raken. Storytelling is een andere manier om de nieuwsgierigheid bij je medewerkers aan te wakkeren. Een goed verhaal op een boeiende manier verteld kan het creatief zelfvertrouwen een serieuze opkikker geven.

Geen creatieve organisatie zonder creatief zelfvertrouwen. En dit zowel op individueel, team- als managementniveau. Laat je (medewerkers) begeleiden om terug te vinden wat na de kindertijd verloren is gegaan of verdrongen is geworden. Gebruik de stap-voor-stap-methode en bedenk dat ‘doen’ een pak efficiënter is dan eindeloos blijven ‘denken’. Splits grote uitdagingen op in kleine behapbare stukken die voor tussentijdse successen zorgen en blijf ten allen tijde nieuwsgierigheid koesteren en voeden.

 Walter Vandervelde


 

Wil je graag onze Newsletter in je mailbox ontvangen? Schrijf je dan hier in. 

Contacteer ons!

Benieuwd wat business creativity aan jouw organisatie kan bijdragen? Of zit je met een uitdaging en wil je ons even aan de tand voelen hoe we kunnen helpen? Contacteer ons gerust, wij komen graag op de koffie.